Katwijk demands state funding for roads before approving pharmaceutical megafactory
Katwijk's municipal council has made government funding for local infrastructure a condition for approving Eli Lilly's planned large-scale drug manufacturing plant.
๐ณ๐ฑ ๋ค๋๋๋ ยท "PLANT" ยท ์ด 9๊ฑด
ํํฐ ๋ณด๊ธฐํ์ฌ ์ง์
50.0
0 = ๋ถ์ ์ฐ์ธ
50 = ์ค๋ฆฝ
100 = ๊ธ์ ์ฐ์ธ
์ต๊ทผ 7์ผ ๊ธฐ์ค 531๊ฑด์ ๋ถ์ํ ๊ฒฐ๊ณผ, ๋ด์ค ์ฌ๋ฆฌ์ง์๋ 50.0(๊ท ํ)์ ๋๋ค. ๊ธ์ 0๊ฑด(0.0%)ยท์ค๋ฆฝ 531๊ฑด(100.0%)ยท๋ถ์ 0๊ฑด(0.0%)์ด๋ฉฐ, ์ค๋ฆฝ ๋น์ค์ด ๋๋ ทํ๊ฒ ๋์ต๋๋ค. ์ฑํฅ ์ง์๋ ์ข ํฉ 0.0(์ค๋ ๊ท ํ)์ ๋๋ค.
Katwijk's municipal council has made government funding for local infrastructure a condition for approving Eli Lilly's planned large-scale drug manufacturing plant.
De Noorse kroonprinses Mette-Marit staat op de wachtlijst voor een longtransplantatie. Dat meldt het Noorse koningshuis. Mette-Marit kreeg in 2018 de diagnose longfibrose, waarbij littekenweefsel in de longen ontstaat. De opbouw van dat weefsel maakt het moeilijk voor de longen om zuurstof op te nemen. Volgens het paleis is de chronische longziekte van de kroonprinses verergerd. Na uitgebreide medische onderzoeken is besloten haar op te nemen op de lijst van patiรซnten die in aanmerking komen voor een longtransplantatie zodra er een geschikte donor beschikbaar is. Vorig jaar meldde het koningshuis al dat Mette-Marit waarschijnlijk een longtransplantatie nodig zou hebben. Zolang zij wacht op een operatie kan de kroonprinses haar officiรซle taken niet of slechts beperkt uitvoeren. Dat heeft ook gevolgen voor de agenda van kroonprins Haakon en voor de kinderen van het echtpaar. Het Noorse hof meldt dat meerdere geplande publieke verplichtingen worden aangepast of uitgesteld. Zo wordt onder meer het geplande zilveren huwelijksjubileum van kroonprins Haakon en Mette-Marit uitgesteld. Ook gaat Mette-Marit niet mee op een eerder gepland bezoek aan een provincie in Noorwegen. Agenda aangepast Ook kroonprins Haakon zal zijn agenda aanpassen om meer bij zijn vrouw te kunnen zijn. Hij zal onder andere langere reizen binnen Noorwegen en naar het buitenland voor en na de operatie beperken. Ook is hij niet aanwezig bij de viering van het 50-jarig huwelijksjubileum van de Zweedse koning Carl Gustaf en koningin Silvia in Stockholm. Prinses Ingrid Alexandra keert terug naar Noorwegen om dichter bij haar familie te zijn. Zij gaat het komende semester studeren aan de Universiteit van Oslo. Prins Sverre Magnus begint naar verwachting dit najaar aan een studie in Europa en keert terug naar Noorwegen wanneer dat nodig is. Hoofdpijndossier Mette-Marit kwam begin februari onder vuur te liggen omdat e-mailwisselingen tussen haar en Epstein opdoken in stukken die de Amerikaanse justitie vrijgaf. Daaruit bleek dat ze geregeld contact had met Epstein, zelfs nadat hij in 2008 was veroordeeld voor het dwingen van vrouwen tot prostitutie. Ze zei in een tv-interview spijt te hebben dat ze mensen niet heeft gewaarschuwd voor Epstein. Ook de zaak van haar zoon Hรธiby is een hoofdpijndossier voor het Noorse koningshuis. Hij staat terecht voor 38 misdrijven, waaronder het verkrachten van vier vrouwen. Tegen hem is ruim 7,5 jaar celstraf geรซist.
In een bos in het Friese Gaasterland is een vredesmonument onthuld ter herinnering aan de ongeveer 2300 Belgische vluchtelingen die daar in de Eerste Wereldoorlog verbleven. Bij de onthulling gisteren benadrukte de Friese commissaris van de Koning Arno Blok dat de geschiedenis van toen nog altijd actueel is. "De opvang van mensen die moeten vluchten voor oorlog en geweld vraagt ook vandaag om begrip, gastvrijheid en betrokkenheid." Tijdens de Eerste Wereldoorlog sloegen ongeveer 1 miljoen Belgen op de vlucht naar het neutrale Nederland. De vluchtelingen waren vooral Belgische burgers die bang waren voor het oorlogsgeweld en de wreedheden van de Duitse bezetters. Er kwamen ook 35.000 Belgische militairen naar Nederland. Veel van die militairen verbleven in afgesloten vluchtelingenkampen, vooral in de provincies Brabant, Utrecht en op de Veluwe. 2300 militairen werden opgevangen in de bossen bij Gaasterland, verspreid over de streek en gehuisvest in boerderijen, barakken, tenten en bij gezinnen thuis. Impact De komst van de Belgen had grote impact op de omgeving. "Hier waren 6500 inwoners en daar kwamen zoveel vreemdelingen bij. Die hadden andere gewoonten, leefden wat losser. Dat ging niet altijd goed." vertelt Henk Luyckx bij Omrop Fryslรขn. Luyckx kan het weten, want zijn opa was een van die Belgische vluchtelingen die op 23-jarige leeftijd naar Nederland kwam. Hij werd verliefd op een Friezin en bleef, ook toen zijn landgenoten na de wapenstilstand van 1918 weer teruggingen. Juist omdat hij het verhaal van toen wilde vertellen en herdenken nam kleizoon Luyckx een paar jaar geleden het initiatief voor het monument. "Een vredesduif bij het bestaande vredesmonument in het Rijsterbos vond ik wel een goed idee." Landschap vertelt verhaal Daar dacht de Friese landschapsvereniging It Fryske Gea anders over. Het werd uiteindelijk een grote gedenksteen, midden in het bos. "Natuurlijk erfgoed", aldus Chris Bakker van It Fryske Gea gisteren, bij de onthulling van het monument. "Het landschap vertelt zo niet alleen het verhaal van planten en dieren, maar ook van de mensen die hier leefden, werkten en soms noodgedwongen een toevlucht vonden." "Wat mij aanspreekt, zijn de gelijkenissen met de situatie die we nu kennen", zei de Belgische ambassadeur Koen Adam. "Er zijn veel oorlogen en heel veel mensen die daaronder lijden. Die zoeken toevlucht in andere landen." Wat de ambassadeur betreft vertelt het nieuwe vredesmonument het verhaal van toen door. "Het belangrijkste is dat de boodschap wordt overgedragen aan de volgende generaties", aldus Adam. "Het is onze plicht als volwassenen om die over te brengen en te laten zien hoe wij om zijn gegaan in vergelijkbare situaties." Verharding Henk Luyckx beaamt dat. "We moeten het ook doortrekken naar de hedendaagse verharding in de maatschappij.", zegt hij. "Als de Belgische militairen niet zo ruimhartig opgevangen waren in Gaasterland, had ik hier nu niet gestaan." 1 miljoen Belgische vluchtelingen Ongeveer een op de zeven Belgen vluchtte in de Eerste Wereldoorlog naar Nederland. Dat waren vooral vrouwen, kinderen en ouderen die te voet de grens naar Zeeland overstaken. Na de val van Antwerpen op 10 oktober 1914 sloegen ook Belgische militairen op de vlucht. Er werden op tal van plekken speciale (tenten)kampen ingericht voor de opvang, maar ze werden soms ook bij particulieren ondergebracht. Op de hei bij Ede werd een 'vluchtoord' van barakken opgebouwd met 4100 plekken. In 1916 kwamen Belgische militairen die werden opgevangen in Nederland zelf met het idee om een monument te bouwen, om hun dankbaarheid te tonen aan Nederland. Daarna begonnen ze met de bouw van het Belgenmonument in Amersfoort. Dat werd een aantal jaren later onthuld.
Het plan van de gemeente Lansingerland om in een nieuwbouwwijk in het dorp Bleiswijk zes straten Arabische namen te geven is ingetrokken. Na klachten van omwonenden krijgen ze Nederlandse namen, meldt de Volkskrant. De straten zouden Wadi Musa, Wadi Damm, Wadi Rum, Wadi Shab, Wadi Draa en Wadi Mansour gaan heten, had de Commissie Naamgeving van Lansingerland bedacht. Dat had te maken met wadi's die in de nieuwbouwwijk komen. Dat zijn groene greppels of ondiepe kuilen waarin regenwater wordt opgevangen dat langzaam in de bodem zakt. Het woord 'wadi' is oorspronkelijk een Arabisch woord dat letterlijk 'droge rivierbedding' betekent, hoewel het in Nederland nu ook wordt gebruikt als een afkorting voor Water Afvoer Drainage en Infiltratie. Bezwaar Een groep van 44 omwonenden diende bezwaar in. Een gemeentewoordvoerder meldt aan de Volkskrant dat de indieners de namen "niet passend vonden voor het gebied" en de relatie met Bleiswijk misten". De gemeente ging daarop via de commissie op zoek naar nieuwe namen. "Laten we gewoon bij onszelf blijven", citeert het AD een van de inwoners van Bleiswijk. "Dat doen ze in het Midden-Oosten ook. Denk jij dat er in Jordaniรซ ooit een Waalstraat, Rijnstraat of IJsselmondedijk komt?" Gisteren maakte de gemeente de nieuwe Nederlandse namen bekend. De nieuwe namen zijn Kolenschuitpad, Westlanderstraat, Praamplantsoen, Trekschuit, Veilingschuit en Tuindersvlet, namen die betrekking hebben op vervoer over water en tuinbouw.
Het aantal mensen met een tekenbeet ligt al vroeg in het jaar op een hoog niveau, en dan moet de piek nog komen. Dat valt op te maken uit gegevens van tekenradar.nl, een initiatief van het RIVM en de Wageningen Universiteit. Het hoge aantal beten is het gevolg van de weersomstandigheden de afgelopen tijd, met halverwege mei regen en later die maand extreme warmte, zonnige dagen en opnieuw droogte. Bij tekenradar.nl melden enkele honderden mensen wekelijks of ze wel of niet gebeten zijn door een teek, wat een beeld oplevert waaruit een toe- of afname valt af te leiden. Vorige week liep het aantal mensen met een tekenbeet in die groep op tot 28 procent. Na het zonnige pinksterweekend ging het hard. "De droogte in het voorjaar was voor ons goed, want in principe worden teken daar minder actief van", vertelt bioloog Arnold van Vliet van de Wageningen Universiteit. "Maar de neerslag half mei kwam voor de teken op een mooi moment. Daardoor droogden ze minder uit, wat effect heeft op hoe ze op jacht gaan. En met het mooie weer gingen natuurlijk veel mensen het groen in, waarmee je dus in het domein van de teek komt." Volgens Van Vliet koersen we af op een vergelijkbaar scenario. "Het is nu regenachtig, maar de temperatuur lijkt weer flink omhoog te gaan en de neerslagkansen nemen weer af; exact in het piekseizoen." Hij verwacht volgende week of de week erna piekmomenten in het aantal tekenbeten. "En we moeten ook nog even afwachten wat juli doet." Vorig jaar viel de piek in juni, toen het hoogste aantal meldingen in vijf jaar binnenkwam. Van Vliet adviseert mensen om zichzelf goed te controleren. "Na een bezoek aan het groen een tekencheck doen", rijmt hij. Mocht je daarbij een teek ontdekken, is het zaak om hem zo snel mogelijk goed te verwijderen. "Vroeger zeiden we binnen 24 uur, maar inmiddels weten we: hoe sneller je dat doet, hoe lager de kans op het oplopen van de ziekte van Lyme." Naast lyme verspreiden de beestjes in Nederland soms ook tekenencefalitis (tbe), een virusinfectie die hersenvliesontsteking kan veroorzaken. Dat virus komt vooral voor in Centraal- en Oost-Europa, waar in sommige landen ook ertegen gevaccineerd wordt. De afgelopen jaren is ook in Nederland sprake van een toename van het aantal tbe-infecties. Vermoedelijk heeft dat ook te maken met het veranderende klimaat. Warmere winters Sowieso is er een complexe wisselwerking tussen klimaatverandering en tekenbeten in Nederland. Zo veranderen de aantallen teken die Nederland gedurende het jaar telt en hun activiteit door de veranderende temperaturen en neerslagpatronen. Daarnaast brengt klimaatverandering warmere winters met zich mee, zoals afgelopen winter, waardoor teken langer actief kunnen zijn en ook hun voortplantingsseizoen kan veranderen. "En het beรฏnvloedt natuurlijk ook de gastheren van de teek", legt Van Vliet uit. "Door warmere winters zien we minder sterfte van muizen en vogels." Er zijn dus meer dieren waar de teken hun tanden in kunnen zetten. Klimaat en gezondheid Daarnaast wijst hij op het effect van klimaatverandering op de vruchten aan bomen. "De beuk, bijvoorbeeld, heeft nu jaren achter elkaar beukennootjes. Normaal gesproken is dat het ene jaar wel en het andere jaar niet. Er is dus meer voedsel voor de gastheren van de teek." En meer voedsel, betekent opnieuw meer gastheren. Niet voor niets beschrijven de Wetenschappelijke Klimaatraad (WKR) en de Gezondheidsraad in een recent advies aan het kabinet nadrukkelijk dat klimaatverandering gunstig is voor de teek. De ontwikkelingen rond de teek in een veranderend klimaat moeten volgens Van Vliet de komende jaren goed gevolgd worden, want de gezondheidseffecten kunnen groot zijn.
Het Indonesische leger heeft tientallen voorstellingen gestopt van de documentaire Pesta Babi. De film toont dat op Papoea een van de grootste ontbossingsprojecten op aarde plaatsvindt, ten koste van de lokale bevolking. Zakenmensen, het leger en prominente politici zouden daar zelf rijkelijk aan verdienen. De filmvoorstellingen worden vaak in het geheim georganiseerd. Ze worden online aangekondigd. Mensen die de film willen zien kunnen zich aanmelden. Als je op de lijst komt, krijg je pas kort van tevoren te horen waar de vertoning is. Zoals op een geheime plek in het zuiden van de hoofdstad Jakarta. Bij een activistisch clubhonk van hout en roestige aluminiumplaten hebben zich twintig mensen verzameld om de film te zien. Veel van hen willen anoniem blijven. "Om het risico van repressie te minimaliseren", zegt een van kijkers. "Ik ben ook bang dat het leger vanavond langskomt om deze vertoning tegen te houden." Met het bos verdwijnt ook cultuur Tama Margaretha Nauli maakt zich een stuk minder druk. "We doen toch niets verkeerd?" Ze werkt voor Greenpeace en heeft de voorstelling mede georganiseerd. "Papoea is een van de laatste plekken op aarde met enorm veel oerbos. Dat wordt gekapt, en daarmee wordt ook de cultuur van de lokale Papoea verwoest." Papoea, het westelijke en Indonesische deel van het eiland Nieuw-Guinea, is ongelooflijk rijk aan grondstoffen. Goud, koper, nikkel, hout, gas: er zit van alles in de grond. Maar het gebied is ook rijk aan land waarop suikerriet, palmolie en rijst geplant kunnen worden, in het kader van het Nationale Strategische Project voor voedselzekerheid. Sinds 2020 ontdoet de Indonesische overheid daarom een gebied in Zuid-Papoea, zo groot als Zwitserland, van zijn oerbos. In de film Pesta Babi wordt getoond hoe daarmee het leefgebied van de lokale Papoea wordt verwoest. Ambrosius komt uit Papoea en heeft meegewerkt aan de film. Hij kijkt er met pijn in zijn hart naar. "Ik voel die teleurstelling, de woede en het trauma. Want dit gebeurt al heel lang op Papoea. Op andere plekken, maar het is altijd hetzelfde." In zijn ogen stuurt de overheid al decennialang bedrijven om te verdienen aan de grondstoffen. Daarmee gaan ook andere dingen gepaard: door de komst van werklui uit andere delen van Indonesiรซ dreigen de Papoea een minderheid in eigen land te worden. En er zijn grote aantallen agenten en militairen gestuurd om weerstand de kop in te drukken. De naam Pesta Babi heeft dan ook een dubbele betekenis. Het verwijst naar een lokale traditie om gezamenlijk varkens te roosteren, maar verbeeldt ook de rijke Indonesische elite die van Papoea een zwijnenmaal maken. Het schransen van lokale rijkdom. 'Film kan tot weerstand leiden' Volgens Tama is dat ook precies waarom het leger ingrijpt bij voorstellingen van de film. "Veel mensen in de overheid, en het leger, verdienen geld bij deze projecten. Als Indonesiรซrs de film zien, dan zouden ze weerstand kunnen bieden. Dan kan de overheid hier natuurlijk niet mee doorgaan." De Indonesische minister van Justitie benadrukt dat de film officieel niet verboden is. Maar het leger is harder over de film. Die zou misverstanden in de hand werken en sociale onrust kunnen veroorzaken op Papoea. Want het leger betreft hadden de filmmakers eerst een licentie moeten aanvragen bij de Film Censuur Commissie. Toch kon de voorstelling in Zuid-Jakarta zonder interruptie afgekeken worden. Als een panel een debat met het publiek begint, zegt Ambrosius dat hij wil dat Indonesiรซrs het rauwe beeld van Papoea zien. "Ik hoop dat deze film een deur opent voor discussie. Het zal de pijn van Papoea niet meteen beรซindigen, maar we kunnen er wel over praten." De makers hebben de film op YouTube gezet, waar die tot maandagmiddag 11 miljoen keer is bekeken. Er is Engelse ondertiteling toegevoegd, in de hoop dat mensen buiten Indonesiรซ de film ook zullen zien.
Grote delen van Australiรซ gaan al weken gebukt onder een enorme muizenplaag. Boeren zien hoe de diertjes hun akkers vernielen en zaaisel opeten. Scholen zeggen dat boeken worden aangevreten. Het ministerie van Onderwijs heeft een speciale taskforce opgericht om scholen te helpen bij het bestrijden van muizen in de gebouwen. Boeren zijn veel geld kwijt aan de schade en bestrijding van de muizen. Zo moeten ze gewassen opnieuw planten en geven ze veel geld uit aan gif. Ook beschadigen muizen landbouwmachines, omdat ze bedrading en slangen aanvreten. De kosten komen bovenop de door de afsluiting van de Straat van Hormuz gestegen brandstof- en kunstmestprijzen. Op sommige scholen in West-Australiรซ, met name op het platteland, moeten leraren voor de schooldag begint eerst in beschermende pakken uitwerpselen en dode muizen in de klas opruimen, meldt ABC News. Schoolleiders zeggen dat er een groot tekort is aan schoonmakers en dat de extra taken het personeel overbelast. Geur van rottend ongedierte Vorige week moest een school in Morawa in West-Australiรซ dicht. De school had een gif gebruikt dat niet is toegestaan voor gebruik in gebouwen, omdat die ook schadelijk kan zijn voor mensen. Daarom moet de school eerst goed worden gereinigd. Een leerling zegt tegen ABC News dat de muizen overal in school zaten en dat in sommige klaslokalen de geur van rottend ongedierte ondraaglijk was. Jonathon Arnott, voorzitter van een vereniging voor schoolleiders, zegt dat sommige scholen wekelijks het tapijt laten reinigen en dat leerkrachten de plaag inmiddels inzetten als lesmateriaal. "Op een school wordt de snelheid waarmee muizen zich voortplanten ingezet in de wiskundeles." Recordoogst De muizenplaag vindt zijn oorsprong in de recordoogst van vorig jaar, zegt boerin Belinda Eastough tegen de BBC. Bij het oogsten van grote hoeveelheden graan wordt er ook gemorst. En de muizen eten die graankorrels op de grond graag. "Toen kregen we zomerregen, wat de groei van jonge scheuten stimuleerde. Dus in plaats van alleen biefstuk, kregen ze biefstuk en salade. Het was een waar muizenparadijs." Eastough schat dat er per hectare zo'n 9000 muizen zijn, terwijl er al van een plaag wordt gesproken bij 800 muizen per hectare. Op veel boerderijen krioelt het van de muizen. Muizen planten zich razendsnel voort. Met zes weken zijn ze al geslachtsrijp. En ze kunnen elke drie weken zes tot tien jongen krijgen.
Na jaren testen maken onkruidrobots een opmars in de akkerbouw. Ze zijn een uitkomst voor boeren die geen of minder bestrijdingsmiddelen willen spuiten. Onkruidrobots rijden zelfstandig over de gewassen en herkennen alles wat groeit met camera's en AI-technologie. Ze laten dan het gewas staan en verwijderen het onkruid. Emiel van Hootegem, biologisch akkerbouwer in Kruiningen in Zeeland testte meerdere apparaten en investeerde dit jaar tonnen in een robot met lasertechniek. Het voertuig schiet met blauwe laserstralen razendsnel op alles wat er tussen zijn jonge ui-plantjes groeit. Dat gaat op de millimeter precies. Door de laserstraal wordt het onkruidplantje heel even verhit. Daarna gaat het langzaam dood. Wat overblijft kan blijven liggen en wordt voeding voor de uien. Geen chemische middelen In dit seizoen zijn akkerbouwers vooral druk met onkruidbestrijding. Het onkruid groeit vaak harder dan de gewassen en het neemt vocht, licht en voeding weg. "De uien krijgen dan geen kans", zegt Van Hootegem. "Je hebt dan geen oogst en krijgt hele kleine uitjes, die alleen groot genoeg zijn voor รฉรฉn frikandel speciaal." Omdat Van Hootegem biologisch boert mag hij geen enkel chemisch middel spuiten. Onkruid wieden gebeurde op zijn akkers altijd met de hand. Hij huurde ieder voorjaar tot 25 seizoenarbeiders in, die met schoffels het onkruid lostrokken. Maar het werd te moeilijk en te duur om mensen te vinden. "Alle akkerbouwers hebben op hetzelfde moment mensen nodig, en wie wil nou met deze hitte in het open veld werken?" 'Robot hoeft nooit naar de wc' Nu rijdt de robot zelfstandig over de rijen uienplantjes, met alleen nog de Poolse Patricia die erachteraan loopt voor controle. Ze is de enige overgebleven ingehuurde kracht. "Met de hand wieden was heel zwaar werk, je moest het heel nauwkeurig doen om de planten niet te beschadigen", zegt ze. Ze verwacht dat zij nog wel nodig blijft om de robot aan te sturen, maar als het aan Van Hootegem ligt heeft hij in de toekomst geen seizoensarbeiders meer nodig. "De robot kan dag en nacht doorwerken. Je moet alleen de accu's vervangen." Het aansturen van seizoenarbeiders leverde hem veel stress op. "Ik moest er steeds achteraan, ze in de gaten houden. De robot heeft nooit vrij, hoeft nooit naar de wc en heeft geen koffie nodig." Gemeengoed Niet alleen biologische akkerbouwers kopen onkruidrobots. Ook boeren die wel chemische middelen gebruiken maken nu de stap, zegt Eelco Boot van proefboerderij Rusthoeve bij Colijnsplaat. Hij test innovaties voor de akkerbouw. "Er zijn steeds meer regels rondom spuiten. We mogen bepaalde middelen niet meer gebruiken of de dosering gaat naar beneden. Het wordt minder effectief, daarom zoeken we naar alternatieven." Op de akkers van de proefboerderij rijdt een robot met een andere techniek. Deze schiet niet met laserstralen, maar hij mept de onkruidplantjes met een haak uit de grond. Ook dit gaat heel nauwkeurig en de herkenningstechniek is vergelijkbaar. "Er zit heel veel data achter", zegt Boot. Ieder blaadje en ieder sprietje wordt herkend. "AI is in twee jaar tijd zoveel beter geworden dat we de testfase nu echt voorbij zijn. Dit soort machines zijn echt gemeengoed aan het worden. Ze worden nu echt ingezet op akkerbouwbedrijven."
Op de binnenplaats van een gebouw van de Universiteit van Amsterdam (UvA) is gisteren een bijenkolonie neergestreken. Docent Europese Studies Niels ten Oever zat op zijn werkkamer toen hij uit het niets een hoop kabaal hoorde. "Ik hoor gezoem, en ik zie aan de overkant een hele zwerm bijen landen. Te gek. Dat geloof je toch niet?", zegt Ten Oever tegen stadszender AT5. De bijen kozen een plek op de tweede verdieping. Het binnenplein grenst aan het Oost-Indisch Huis en het Bushuis, allebei in gebruik door de UvA. "Het is nu echt een 'Buzzzhuis'," grapt docent Europese Studies Krisztina Lajosi. "Ik vind het geweldig, zoiets heb ik nog nooit gezien. Ik vind het prachtig, zo midden in de stad." Wat de bijen komen doen, durft Ten Oever niet met zekerheid te zeggen. Een idee heeft hij wel. "Ik denk dat deze zwerm zich aan het voortplanten is. Ze zijn op zoek naar een nieuwe plek, en ze hebben deze plek uitgezocht." Dat ze het universiteitsgebouw hebben uitgezocht, kan Ten Oever wel waarderen. "Bijen zijn in heel veel culturen een symbool van wijsheid. Als die dan hier op de universiteit landen, is dat toch echt een cadeautje." Bijenkolonie en de VOC Lang voor de UvA zijn intrede deed, huisde in het pand het administratieve hoofdkantoor van de Amsterdamse kamer van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC). Ten Oever: "Een kolonie in een gebouw van een organisatie die kolonisatie mogelijk heeft gemaakt." Wat hem betreft hadden de bijen mogen blijven zitten, maar de bijen zelf dachten daar anders over. Rond 14.30 uur vanmiddag kozen ze met een hoop gezoem het hazenpad. Het 'Buzzzhuis' in de Amsterdamse binnenstad is weer gewoon het Bushuis.